Albanië en geschiedenis

ALBANIË: DE “KORTE” GESCHIEDENIS
Het gebied waar Albanië zich nu bevindt is reeds sedert de prehistorie  bewoond.

In de Oudheid bevolkten Illyrische stammen dit gebied. De Illyriërs worden beschouwd als de voorvaderen van de huidige Albanezen. In de derde eeuw voor onze jaartelling vestigde een Indo-Europese bevolkingsgroep zich in deze regio. Zij integreerden zich in de Illyrische stammen en legden zo de basis voor de unieke culturele en taalkundige accenten waar de Balkan zo rijk aan is.

In de vijfde eeuw voor onze jaartelling stichtten de Grieken autonome koloniën die later zouden uitgroeien tot de steden Antigone, Butrint, Apollonia en Epedamnos (Durres).

In 30 voor onze jaartelling annexeerde Rome het Illyrische Rijk In deze periode genoot Illyrië van grote voorspoed en een relatief stabiele vrede. Een van de belangrijkste Illyrische steden was Byllis. Dit is nu een archeologisch park. Niettegenstaande de Romanisering slaagden de Illyriërs, net als de Grieken, erin om hun eigen taal en gebruiken te behouden. Bij het uiteenvallen van het Romeinse Rijk kwam deze regio onder de hoede van het Oost Romeinse Rijk wat later Byzantium werd. Drie van de eerste Byzantijnse Keizers (Anastasius I, Justin I and Justinius I) waren van Illyrische afkomst.

In 1344 veroverde Servië deze regio. Hun controle zou niet lang duren. in 1389 verloren zij het gebied aan de Ottomanen. In deze periode controleerden de Venetianen de kusten. Getuige hiervan zijn o.a. de overgebleven stadsmuren van Durres. Maar door de Servische nederlaag stonden zij nu ook bloot aan de Ottomaanse agressie.

De Ottomaanse overheersing zou duren tot aan het begin van de twintigste eeuw met een korte onderbreking tussen 1443 en 1468 toen de legendarische Skanderbeg vanuit Kruja het verzet tegen de bezetting organiseerde en de Ottomaanse sultans met de nodige zorgen opzadelde. Zijn verzet gaf de Europese staten de kans om zich voor te bereiden op de Ottomaanse invasie.

In principe heerste er godsdienstvrijheid onder de sultans. Maar de moslims hadden diverse voordelen op de andere godsdiensten. Veel Albanezen bekeerden zich tot de islam. Gewoon om minder belastingen te betalen. De Ottomaanse overheersing zou duren tot aan de nafhankelijkheidsverklaring in 1912.

Tijdens de eerste en ook de tweede wereldoorlog zou de frontlinie zich over Albanië verspreiden.

Tussen beide oorlogen stichtte Zogu I een kortstondig koninkrijk. Dit hield zich recht met de steun van Mussolini. De voornaamste bouwwerken in Tirana dateren uit het interbellum.

Na de tweede wereldoorlog grepen de communisten de macht en zonk Albanië onder “Kameraad” Enver Hoxha weg in het moeras van een Stalinistische dictatuur en extreme isolatie. Dit regime hield stand tot december 1991 toen er een relatief vreedzame transitie kwam en de communisten zich plots socialisten lieten noemen. Dit werd bevestigd met de eerste vrije verkiezingen in maart van 1992. Vanaf dan is Albanië een parlementaire democratische republiek.

Hellenistisch vaatwerkHellenistisch vaatwerk
Illyrisch schild en helmIllyrisch schild en helm
De mozaïeken van ButrintDe mozaïeken van Butrint
ApolloniaApollonia
Het amfitheater van ButrintHet amfitheater van Butrint